De capsule garderobe wordt vaak in één adem genoemd met duurzaamheid. Geen gekke gedachte. Het hebben van weinig kleren die goed onderling te combineren zijn, helemaal bij je passen en lang meegaan sluit inderdaad wel aan bij het duurzame plaatje. Toch denk ik niet dat een capsule wardrobe per definitie een duurzame – of misschien wel de duurzaamste – methode is om met je kledingkast om te gaan. 

Er zijn allerlei redenen te verzinnen waarom je een capsule wardrobe wilt opbouwen en het streven naar een duurzame kledingkast is daar zeker één van. Maar de methode heeft ook aspecten die wat mij betreft niet per se duurzaam zijn, zoals het drastisch uitdunnen van je kast of het driemaandelijks aanvullen van je capsule met nieuwe aankopen. Maar vreest niet, een capsule wardobe kan absoluut duurzaam zijn. Ik geef je een aantal zaken waar je op kunt letten om jouw capsule een toonbeeld van duurzaamheid te maken.

Ga uit van wat je hebt

In sommige instructies voor het opbouwen van een capsule lees ik dat al je kleding moet mixen en matchen. Dat je daarom maar één stijl en slechts een paar kleuren in je kast zou moeten hebben. En vooral heel veel basics. Dat is gekkigheid, wat mij betreft. Natuurlijk is het fijn als je kleding op verschillende manieren kunt combineren, maar juist de uitschieters waar je nu al van houdt maken je garderobe leuk en echt van jou. Kies daarom voor je eerste capsule alleen maar stukken uit je bestaande garderobe en doe de rest nog niet weg. Je merkt vanzelf wat je echt graag draagt en wat eventueel nog mist.

Neem de tijd voor het samenstellen

Het kan heel verleidelijk zijn om radicaal met wegdoen te beginnen als je een capsule garderobe start. Geeft voldoening, zo’n lege kast. Dat is het doel toch? Nee, niet helemaal. Te snel wegdoen kan leiden tot spijt. En als je vervolgens weer heel veel bij moet kopen, is dat nou juist helemaal niet duurzaam.

Zie een legere kast niet als het doel, maar als een middel om een fijnere garderobe te creëren waar je tevreden mee bent en waarin je niets tekort komt. Neem de tijd om te ontdekken welke stukken je steeds weer uit de kast trekt en waarom je andere na even passen toch weer terug hangt voor je de deur uit gaat. Zo leer je wat je echt graag draagt en daarmee kun je je voordeel doen bij het opbouwen van je garderobe.

Investeer in het leren kennen van je stijl

Het is niet toevallig dat ik me tijdens mijn eerste capsule ook serieus begon te verdiepen in mijn eigen stijl. Ik wist globaal best wat ik mooi en niet mooi vind, maar als ik echt wil investeren in een bij elkaar passende garderobe die ik op lange termijn mooi blijf vinden. Daarom houd ik nu al een maand of 5 wat ik dagelijks draag en heb ik een moodboard gemaakt met outfits en items die me echt aanspreken. Samen geeft dat me veel inzicht en dat leidde er al toe dat ik een aantal items die eerst nog in mijn capsule zaten heb kunnen wegdoen. Ik kon opeens veel beter verwoorden waarom ze niet zo bij me passen – niet mijn kleur, kriebelig, te kort, wat dan ook – en ik heb er andere mensen blij mee gemaakt.

Dun uit op een duurzame manier

Als je uiteindelijk besluit een deel van je kleding weg te doen, denk dan na over de meest duurzame manier. Dat je kleding niet zomaar in de prullenbak moet gooien, zul je waarschijnlijk wel begrijpen. Dan gaat het húp de verbrandingsoven in, eeuwig zonde! De kringloop of kledingcontainer is een meer duurzame optie, maar ook dan weet je niet zeker of je kleding echt verkocht wordt of goed terecht komt.

Daarom pleit ik er altijd voor om je kleding zo direct mogelijk bij een nieuwe eigenaar terecht te laten komen. Probeer het te verkopen – niet voor het geld, maar omdat je dan meer kans hebt dat het nog echt gedragen wordt – doneer het aan iemand via een weggeefgroep op Facebook of regel een kledingruilfeestje. Ik vind dat zelf heel leuk om te doen en heb dan ook een heleboel tips voor de organisatie van een kledingruil voor je.

Doe je nieuwe aankopen verantwoord

Kom je tot de conclusie dat je toch nieuwe kleding nodig hebt om je garderobe compleet te maken? Probeer dan stukken te vinden die bij je duurzame principes passen. Koop bijvoorbeeld tweedehands of let erop dat merken hun kleding op een eerlijke en duurzame manier produceren. Ben je nog niet zo bekend met dat soort merken? Ik heb al over veel fair merken geschreven en je bent altijd welkom om me tips te vragen! Bij verantwoord aankopen komt meer kijken dan letten op merken. Wees in het algemeen kritisch: op de kwaliteit, de trendgevoeligheid en ook op je persoonlijke voorkeuren: is het materiaal fijn? Past het echt goed? Is het je kleur? Kun je het combineren met wat je al hebt? Geef jezelf bedenktijd, dan is de kans op miskopen heel veel kleiner.

Stel kooplimieten

Nuttiger dan het beperken van de totale omvang van je kledingkast, is volgens mij het beperken van de doorstroom. Wie elke week iets nieuws koopt en daarvoor iets ouds uit zijn kast wegdoet, is ook niet echt duurzaam bezig, terwijl je je intussen prima aan je capsule-limieten houdt. Je kunt met jezelf afspreken om maar een bepaald aantal nieuwe kledingstukken per seizoen of jaar aan je garderobe toe te voegen. Ik pin mezelf daarbij niet vast op een moment – bij het wisselen van de capsules bijvoorbeeld – omdat je soms gewoon tegen iets aan moet lopen. Wel houd ik lijstjes bij van wat ik nog zoek.

De regel ‘één erin, één eruit’ kan trouwens wel goed werken volgens mij. Dat laat je namelijk heel kritisch nadenken over de vraag of het nieuwe stuk echt zo’n toevoeging is dat je er een ander stuk voor wilt laten gaan. Met tweedehands kleding ben ik hier zelf trouwens iets makkelijker in. Dat is voor mij een fijne manier om te experimenteren met mijn kledingstijl en wat afwisseling aan te brengen. Maar ik probeer wel heel kritisch te zijn op wat ik mee naar huis neem, anders gaat mijn hele capsule sowieso de mist in.

Houd het bij

Hoe goed je je stijl ook doordacht hebt, het is geen constante. Stijl en smaak zijn onderhevig aan trends, aan een veranderende leeftijd, lijf en leefstijl. Naaldhakken kun je nu geweldig vinden, maar over een paar jaar misschien minder als je drie kinderen op tijd op school wilt krijgen (of wel natuurlijk, dat mag ook!). Als je tijd blijft investeren in de vraag waarom je bepaalde kleren op dat moment wel of niet graag blijft dragen, voorkom je dat je op een gegeven moment vertwijfeld je hele kast in vuilniszakken staat te proppen omdat je nergens meer tevreden mee bent. Laat je garderobe rustig mee-evalueren met de ontwikkelingen in je leven door er aandacht aan te blijven besteden.

Neem geen capsule als het niet bij je past

Duurzaam met kleding omgaan lukt volgens mij alleen als je er plezier aan beleeft (of misschien als het je geen moer kan schelen wat je draagt) en daarom is het belangrijk om de manier te kiezen die bij je past. Niet iedereen is hetzelfde qua kleding. Ik ken mensen met flinke kledingkasten, die alles volop dragen en afwisselen en voornamelijk tweedehands kopen. Dat is helemaal niet per se onduurzamer dan een kleine kast vol stukken van eerlijke en duurzame merken.

Het bijhouden van een capsule is best een investering qua tijd. Doe het dus alleen als het je wat oplevert: minder keuzestress, een beter gevoel voor stijl, ruimte in je huis, lang blij zijn met je kleding. Ben je juist dol op experimenteren, veranderingen of veel keuze, dan zijn er andere manieren om jouw kast duurzaam te maken. Die houd je dan waarschijnlijk ook veel beter vol. Ik kan me voorstellen dat ik mijn capsuleproject zelf loslaat als ik meer grip heb op wat ik echt graag draag. De capsule methode als middel in plaats van als doel, dat zie ik best zitten.