Ik moet niet doen alsof ik het wiel constant maar zelf zit uit te vinden. Natuurlijk raak ik in het langzaam verduurzamen van mijn leven geïnspireerd door andere bloggers (een paar van mijn favorieten vind je hier en hier), maar eigenlijk zit er nog een minder opvallende maar niet minder belangrijke inspiratiebron achter: mijn ouders. Mijn ouders zijn niet per se uitgesproken voorvechters van duurzaamheid. Maar uit de keuzes die ze maken, blijkt wel dat ze zich er erg van bewust zijn dat je niet alles cadeau krijgt van de wereld. Verspilling is gewoonweg zonde, voor je aarde en je portemonnee. Dus doe je het licht uit als je een kamer verlaat, doe je de deur achter je dicht en zet je de verwarming laag als je er niet bent. Vandaag een ode aan de duurzame invloed van mijn ouders.

  • Verpakkingen hergebruiken
    Van broodzakken tot boterbakjes, alles wordt uitgeschud of afgewassen en weer opnieuw gebruikt. Om restjes in te bewaren, brood in mee te nemen of als afvalzakje in de prullenbak. Boter gebruik ik nauwelijks, maar glazen potten spaar ik nu op voor eigen jam, pickles en chutney en onvermijdelijke plastic zakjes mogen bij mij de prullenbak in om als afvalzak te dienen.
  • Tasjes mee
    Mijn ouders kopen het grootste deel van hun boodschappen op de markt en dan gaan er altijd eigen linnen tasjes mee, die vervolgens rechtstreeks de fietstassen in gaan. Groenten en fruit kopen ze dus bijna volledig verpakkingsvrij, een sporadisch kartonnen aardbeiendoosje daargelaten. Ook de eierdoos wordt gewoon opnieuw gevuld bij de kaasboer.
  • En je broodtrommel
    Ook zo’n basic die niet mocht ontbreken bij ons thuis. Inmiddels doe ik daar weer vrolijk aan mee met mijn herbruikbare broodzak van Keap Leaf. Hier kun je lezen welke spullen mijn dagelijks leven meer afvalvrij maken.
  • Seizoenseten
    Frambozen in december, die kwamen er bij ons niet in. Die zijn gewoon het lekkerst in de zomer, daar horen ze thuis. Als je je inkopen op de markt doet, krijg je sowieso al meer gevoel voor wat bij het seizoen hoort dan in de supermarkt. Ik ben bezig mijn kennis hierover weer wat meer te vergroten, want als stadsmens is het die helaas niet vanzelfsprekend.
  • Papier hergebruiken
    Aan één kant beprinte vellen gaan bij mijn ouders gewoon weer opnieuw de printer in, als het even kan. Ik heb ook mijn hele jeugd getekend op restpapier van hun werk. Helemaal niks mis mee, één witte kant is echt voldoende voor een nieuw kunstwerk. Ik had ook nogal een hoge productiesnelheid, dus anders waren de tekenblokken niet aan te slepen geweest. Boodschappenlijstjes kunnen prima op oude enveloppen gemaakt worden en zelfs de blaadjes van de scheurkalander worden door mijn moeder in stukjes geknipt en gebruikt als notitieblaadje bij de telefoon. Hier kan ik wel weer meer op gaan letten, al heb ik dan geen scheurkalender.
  • Inpakpapier bewaren
    Lintjes, mooi papier, tijdens verjaardagen werd alles netjes verzameld en wat bruikbaar was bewaard in de cadeaukast, die streng verboden was voor nieuwsgierige kinderogen. Ik ben hier nu weer opnieuw mee begonnen en gebruik nu ook steeds vaker ander restpapier, bijvoorbeeld ongebruikte pagina’s van de Allerhande met mooie foto’s om iets in te pakken. Ziet er hartstikke gezellig uit.
  • Potten leegmaken
    Bij ons werd de jam- of pindakaaspot gewoon brandschoon opgeleverd. Met een in stukjes gesneden boterham kregen we de laatste restjes er nog uit. Tandpastatubes kun je openknippen aan de bovenkant, dan kun je er nog prima een paar poetsbeurten mee door. Met behulp van de flessenlikker ging ook geen restje ketchup verloren. Ik moet ook zo’n ding hebben!
  • Knutselmateriaal
    Kurken, doppen, het werd allemaal opgespaard als knutselmateriaal en deels naar de basisschool gebracht met hetzelfde doel. Op dit moment ben ik niet zo vaak creatief met kurk, maar dit is iets wat ik zeker weer zou invoeren als ik kinderen heb.
  • Kleding dragen tot het vies is
    Tuurlijk, mijn ouders trekken ook wel iets speciaal aan voor een gelegenheid. Maar voor gewone dagen dragen ze hun kleding gewoon tot het in de was moet. Dit probeer ik ook meer en meer te doen, want het spaart zooi, was en daarmee water en energie.
  • Kwaliteit boven kwantiteit
    Mijn ouders investeren graag in iets goeds dat lang mee gaat. Dat heb ik als puber best wel irritant gevonden, ik wilde gewoon mijn kamer verven in plaats van dat eeuwige behang. Ook snapte ik niet zo goed waarom ze zo weinig aan hun interieur veranderden. Nu begrijp ik dat veel beter: mijn ouders maken doordachte keuzes voor hun aankopen, kiezen voor kwaliteit en zijn daar dan gewoon héél lang tevreden mee. Dat is precies de mentaliteit die ik mezelf nu op kledinggebied probeer eigen te maken. Ik denk dat ik iets ongeduriger ben dan mijn ouders en wat liever met meubels sleep, maar investeren in iets goeds wil ik zeker vasthouden. 

Als kind vond ik al deze dingen doodnormaal, maar in de puberteit werden sommige gewoontes van mijn ouders totaal ‘oncool’ in mijn ogen. Hoort er een beetje bij natuurlijk. Inmiddels heb ik veel van hun goede gewoontes weer in ere hersteld en ben ik weer met andere dingen bezig waar zij op hun beurt iets van opsteken. Mocht ik ooit kinderen krijgen, dan zou het me niet verbazen als dit scenario zich herhaalt. Dat ze op een gegeven moment gek worden van hun verantwoorde moeder (ik vrees voor hen dat mijn keuzes alleen nog maar bewuster gaan worden de komende tijd, haha). Maar ik hoop dat ze, als ze uit hun puberjaren kruipen, toch wel het een en ander zullen waarderen van waar ik mee bezig ben. We zullen zien.