Op de blog Awkward Duckling staat een goed stuk over greenwashing. Hierin legt Tessa haarfijn uit op wat voor manieren merken en bedrijven ons soms misleiden door zich groener voor te doen dan ze zijn. Tegen één van de treffende voorbeelden die Tessa gaf, was ik tijdens onze verhuizing toevallig ook aangelopen. Achterop onze verhuisbus stond: ‘Huren is milieubewust’. Klopt natuurlijk, maar het zou mij verbazen als er veel mensen die iets groots moeten vervoeren serieus overwegen ‘Zullen we een busje kopen of toch maar huren?’ Dit statement is dus puur gebakken lucht: het geeft een groene glans aan een bedrijf dat verder niets actiefs aan duurzaamheid doet. Greenwashing.

Dit beeld is wat willekeurig, maar ik wist echt even niet wat ik bij deze post moest plaatsen en ik wilde ‘m gewoon online hebben. En de relatie met onze kat is ook gebaseerd op vertrouwen in plaats van op perfectie. Nu spoiler ik. Oh ja, katten doen het altijd goed.

Te kritisch
Zelf ben ik inmiddels best alert en kritisch op de duurzame claims van bedrijven. Maar een reactie op het artikel van Tessa zetten me aan het denken. Lidia vertelde hoe bedrijven soms zo onzeker worden van al die kritische groenerikken, dat ze bijna bang worden om nog aan iets duurzaams te beginnen. Er is immers altijd wel iemand voor wie het niet goed en vooral niet groen genoeg is. Je let dan misschien op je energie-uitstoot, maar heb je ook aan je materiaalgebruik gedacht? De werknemers? Dieren? Chemicaliën? Verpakkingsmateriaal? Het vervoer? Palmolie?

Ik kan me best voorstellen dat dat demotiverend is voor een bedrijf dat wil vergroenen en misschien maak ik me zelf ook wel schuldig aan dit soort gedrag. Ben ik te kritisch? Te negatief? Verwacht ik te veel in één keer?  Wellicht druk ik daarmee goedbedoelde groene ontwikkelingen harteloos de kop in voor ze tot volle wasdom zijn gekomen. Dat wil ik uiteraard niet op mijn geweten hebben.

Juichen
Op persoonlijk niveau probeer ik alle pogingen tot duurzaamheid aan te moedigen. Of iemand in mijn omgeving nu besluit om voortaan een hervulbare waterfles te gebruiken, een dag per week vlees te laten staan of meer tweedehands te kopen, ik sta te juichen aan de zijlijn. Een driewerf hoera voor elke stap in de groene richting. Dat is iets waar ik echt in geloof, ook omdat te radicale veranderingen vaak moeilijk vol te houden zijn.

De vraag is of ik bedrijven dan langs een andere meetlat leg? Dat zou eigenlijk raar zijn. Achter bedrijven gaan immers ook gewoon doodgewone mensen schuil. Met principes, idealen, verwachtingen en hier en daar een praktisch bezwaar of een foutje. Waarom zou ik van bedrijven dan meer verwachten dan van individuen?

Eerlijkheid
Toch denk ik dat dit niet het geval is. Ook van bedrijven eis ik namelijk geen perfectie. Dat zou ook reuze onredelijk zijn, want mijn eigen leefstijl is ook niet zo groen als gras. Ik doe heus mijn best hoor en ik leer steeds meer bij. Maar ik ben nog altijd een onderdeel van de westerse consumptiemaatschappij en heb alleen daarom al absoluut een grotere ecologische voetafdruk dan me toekomt. Daar komen mijn dagelijkse missers en worstelingen nog bij, zodat ik toch voor het gemak van pasta uit de supermarkt ga in plaats van even naar de verpakkingsvrije winkel te fietsen. Ik ben verre van perfect en dat vraag ik ook niet van anderen, ook niet van bedrijven. Maar wat ik wel vraag, is eerlijkheid.

Ik wil bedrijven die de zaken niet fraaier voorstellen dan ze zijn. Die niet verhullen, maar laten zien wat hun afwegingen en knelpunten zijn, zeker als iemand daar specifiek naar vraagt. Die – of het nu vanuit oprechte overtuiging of economische belangen – stappen zetten in de duurzame richting zetten. Dat hoeft niet allemaal in één keer goed, als er maar niet verfraaid of ronduit gelogen wordt. Dat is in feite niet meer of minder dan ik van mijn medemensen verwacht.

Utopie
Waarschijnlijk is dit alles trouwens een vrij utopische gedachte. De hele reclame- en daarmee de bedrijfswereld is immers gebaseerd op het oproepen van luchtkastelen, waarin dat ene product precies al jouw problemen oplost. Reclames zijn gebaseerd op het oproepen van verhalen en emoties die in feite niets met het product te maken hebben, maar die wel zorgen dat wij in de onmisbaarheid ervan gaan geloven. In die wereld is weinig plaats voor realisme.

Als we realistisch zijn, dan beseffen we dat elk nieuw ding dat wij kopen impact heeft op de aarde. Het vraagt grondstoffen die we misschien maar één keer kunnen gebruiken en energie, ook van de mensen die het maken. Als we realistisch zijn, dan draait het bij bedrijven om geld verdienen. Logisch, want ook ondernemers (en hun werknemers) moeten kunnen leven. Producten moeten verkocht worden en daarom zullen er concessies worden gedaan, ook wel eens aan een prachtig ideaal. Snap ik. Maar wees er eerlijk over en laat de consument beslissen waar hij mee in zee wil gaan.

Het loont
Als je het zo bekijkt, lijkt eerlijk en realistisch zijn bedrijven weinig op te leveren. Waarom zou je de mensen die niet geïnteresseerd zijn in ‘het eerlijke verhaal’ er immers mee lastig vallen? En de mensen die wel graag willen weten wat er achter hun aankopen schuilgaat, kun je maar helemaal beter te vriend houden.

Toch denk ik dat eerlijkheid ook zinvol is en veel kan opleveren. Ik weet het uit eigen ervaring. In feite ben ik zelf ook een verkoper: mijn blog is het product waarvan ik hoop dat de hele wereld – oké de hele Nederlandstalige wereld – het gaat lezen. Het is verleidelijk om hier een ideale versie van mezelf in de etalage te zetten: kijk mij eens zero waste leven, verantwoord eten, bewust leven, mezelf wegcijferen voor de wereld. Maar dat is niet de realiteit. De realiteit is dat ik van alles probeer, sommige gewoontes vasthoud, anderen laat varen en aan weer andere – waarvan ik dondersgoed weet dat ze een stuk verantwoorder zouden zijn – niet eens begin.

Ik probeer daar eerlijk over te zijn, daarom schrijf ik regelmatig over de dingen waar ik tegenaan loop, waar ik mee zit, die ik niet snap of die me niet lukken. Dat levert me iets op: herkenbaarheid – perfectie kan namelijk nogal intimiderend zijn, ook dat weet ik uit ervaring – maar ook begrip en vooral een hele stapel nuttige tips, waar ik weer stappen mee kan zetten om mijn idealen een beetje meer vorm te geven.

Ja, af en toe krijg ook ik kritische vragen. Maar ook die helpen me. Als het niet is om een nieuwe stap te zetten, dan in elk geval om mijn keuzes beter te kunnen afwegen en verantwoorden. Zo krijg ik nog scherper voor ogen wat ik belangrijk vind en dat is de basis van alle verandering.

Wederzijds
Natuurlijk kan ik mezelf niet één op één vergelijken met een internationaal kledingmerk. Maar aangezien ik er van overtuigd ben dat meer en meer mensen interesse krijgen in de wereld achter hun spullen en we ook steeds meer mogelijkheden hebben om de waarheid daarover te achterhalen, denk ik dat het geen kwaad kan om te investeren in een goede relatie met ons, potentiële kopers. En  goede relaties zijn gebaseerd op vertrouwen, nietwaar? 

Volgens mij komt het van twee kanten. Bedrijven moeten laten zien dat ze ons vertrouwen waard zijn. Open en controleerbaar worden. Te beginnen met het controleren van hun eigen productieprocessen, want die zijn door ultieme versplintering en globalisering van het maakproces voor heel veel producenten zelf niet eens meer duidelijk.

En wij consumenten, wij moeten laten zien dat wij eerlijkheid waarderen. Niet alleen een eerlijk productieproces, maar ook eerlijkheid óver dat productieproces. Dat levert ons uiteindelijk een hoop op: een wereld waarin we gefundeerde en weloverwogen keuzes kunnen maken over waar we ons geld aan besteden. Ik wil heel graag weten waar ik voor kies en aan bijdraag. Jij ook?

P.S. Pas na het schrijven van deze post ontdekte ik dat dit artikel over het merk Pepaloves best wel duidelijk laat zien hoe ik hier in sta. Het merk is misschien nog niet perfect, maar wel goed bezig en vooral eerlijk. Dat waardeer ik enorm en dat is precies waarom ik er ook over schrijf.