jasjes.jpg

Waarschijnlijk heb je – net als ik – meer dan genoeg om aan te trekken. Maar benut je de inhoud van je kast ook optimaal? Ik geef je vier tips om alles uit je kledingkast te halen wat erin zit (ja, misschien zelfs letterlijk).

  1. Stel een doel
    Op vakantie merkte ik dat ik mijn shorts alleen draag in het buitenland. Waarom eigenlijk? Het mag dan geen hittegolf zijn momenteel, koud is het ook niet. Ik heb mezelf voorgenomen meer met blote benen te lopen in Nederland. Zo wordt mijn zomerse garderobe niet alleen in schaarse vakantieweken goed benut en wie weet kleuren mijn melkflessen ook nog een beetje bij. Het helpt om jezelf een doel te stellen. Neem je bijvoorbeeld voor om elke dag een sieraad te dragen of om een week lang dagelijks van tas te wisselen. Zo ontdek je misschien wel nieuwe combinaties en weet je in elk geval weer wat je allemaal hebt.
  2. Draag kleren langer
    Trek niet elke dag (of meermaals per dag, guilty) iets anders aan, maar draag een outfit tot ‘ie in de was moet. Dat klinkt tegenstrijdig met ‘alles uit je kast halen’, maar het voorkomt wel een chaos van rondslingerende half-schone kleren (grote persoonlijke ergernis), die verkreukelen, muf worden en die je uiteindelijk in een opruimbui toch nog allemaal in de was gooit. Minder wassen is niet alleen goed voor het milieu, je kleding blijft ook langer mooi. Toch iets anders aan, bijvoorbeeld voor een speciale gelegenheid? Hang je kleren netjes op een hanger en laat ze luchten. Zo verlies je ze ook niet uit het oog en onthoud je dat ze prima nog een dag aankunnen. Je hebt je outfit toch met zorg uitgezocht? Daar kun je maar beter van profiteren.
  3. Draag alles minstens dertig keer (nee, niet achter elkaar)
    Over deze regel van Livia Firth schreef ik al een uitgebreid artikel. Koop alleen dat waarvan je zeker weet dat je het minstens dertig zult dragen (en houd je eraan). Dat helpt je weer bij punt 4.
  4. Houd je kast netjes
    Een inkoppertje, maar in een opgeruimde kledingkast weet je tenminste wat je hebt. Zorg het liefst voor een hang- en een legdeel, zodat je voor elke kledingsoort een goede plek hebt. Doe weg wat je niet meer past of niet meer draagt, dat is alleen maar kastvervuiling die je het zicht op wat je wel graag aanhebt beneemt. Je kunt er vast nog iemand anders blij mee maken. Zorg ook dat alles netjes opgevouwen is. Strijk dat wat nodig is, want ’s ochtends heb je daar waarschijnlijk geen zin in, waardoor je die gekreukelde dingen waarschijnlijk nooit aan zult trekken.

Ik probeer op dit moment aan al deze punten te werken en dat gaat best wel goed. Vooral van de minder grote ‘gedragen maar niet vies’-stapel word ik erg blij, want die werkt normaal gesproken als een soort toren van Pisa en valt constant om. Ik ben benieuwd of jij nog jij ideeën hebt om je garderobe zo efficiënt mogelijk te benutten?